ZOALS ALLE ANDERE VOLKEN?

Bijgewerkt: jun 10



De heerser van deze wereld


Volgens Paulus hebben wij niet te strijden “tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de gezagsdragers, tegen de wereldbeheersers van deze duisternis, en tegen de boze geesten in de hemelse gewesten”(Efeziërs 6:12, NB). Paulus weet waarover hij het hier heeft, want er zijn maar weinigen die meer dan hij het slachtoffer zijn geweest van de overheden van de duisternis (2 Korintiërs 11:24-29).


Die duistere machten komen van de duivel, die door Paulus wordt beschreven als “de god van deze wereld, de heerser over de machten in de lucht” (Efeziërs 2:2). Ook Jeshua noemt hem “de heerser van deze wereld” (Johannes 14:30). En in Jesaja wordt hij “overwinnaar van alle volken” genoemd (Jesaja 14:12).


Als Satan Jeshua probeert te verleiden hem te aanbidden, biedt hij Hem alle koninkrijken van de wereld aan en ook de roem die ermee gepaard gaat, want, zo zegt de duivel, “ik kan daarover beschikken en ik geef het aan wie ik wil” (Lucas 4:6).


Het is dus niet zo verwonderlijk dat Jeshua Zijn discipelen op enig moment voorhoudt “dat heersers hun volken onderdrukken en dat leiders hun macht misbruiken” (Mattheüs 20:25). En heeft de geschiedenis ons niet geleerd dat bij machthebbers de verleiding groot is om steeds meer macht naar zich toe te trekken en dat macht corrumpeert?


List en bedrog


Vooral nu de wereldtijden ten einde lopen, zijn de vorsten van de duisternis en de wereldbeheersers die Satan in zijn bezit heeft, koortsachtig bezig om zoveel mogelijk argeloze mensen “door fraaie en welluidende woorden (te) misleiden” en hen naar de brede weg te voeren die naar de ondergang leidt (Romeinen 16:18; Mattheüs 7:13-14).


We zien dat in onze dagen, meer dan ooit te voren, gebeuren. Bijzondere wet- en regelgeving die de overheid buitengewone en verregaande bevoegdheden geeft om slagvaardig te kunnen optreden als staat en volk in nood verkeren – zoals bij een watersnoodramp of bij oorlogsgevaar – worden van stal gehaald, terwijl er helemaal geen sprake is van een dergelijke noodsituatie. De virtuele dreiging van een door computermodellen voorspelde ramp is voor de overheid al genoeg reden om burgers en bedrijven hun fundamentele rechten en vrijheden af te nemen of in te perken.


De allang niet meer onafhankelijke pers doet er nog een schepje bovenop door ons continu voor te houden dat al die draconische maatregelen echt nodig zijn om het virus eronder te krijgen. Helaas slikken de meeste mensen de opgelegde werkelijkheid voor zoete koek en zien ze niet dat de gevolgen van de coronamaatregelen vele malen erger zijn dan die van het virus zelf.


Zouden onze leiders hun macht dan soms níet misbruiken? De vraag stellen is hem beantwoorden. Ik zeg dit overigens niet om onze overheid zwart te maken, maar om je erop te wijzen dat wij de generatie aan het einde (dor ha’acharon) zijn, waar Psalm 102:19 op doelt, die steeds vaker en steeds duidelijker in vervulling ziet gaan wat erover deze laatste dagen vóór de wederkomst is voorzegd (zie Laat je niet misleiden, De gewetenloze mens en Het beest en zijn beeld).


Verdeel en heers


Leiders misbruiken hun macht ook om hun heerschappij te behouden. En dat doen ze onder meer door verdeeldheid te zaaien onder hun politieke opponenten, zodat die geen blok kunnen vormen tegen hen. In de Griekse Oudheid, waar deze strategie van verdeel en heers (divide et impera) vandaan komt, werd die verdeeldheid bereikt door aan bepaalde regio’s en personen meer rechten toe te kennen dan aan andere regio’s en personen.


Klinkt je dat niet bekend in de oren? Is dat niet iets waar de overheden, wereldwijd, mee bezig zijn op dit moment: door aan bepaalde groepen (gevaccineerden) meer rechten en vrijheden (terug) te geven dan aan anderen (niet-gevaccineerden) en daarmee tweedeling te brengen?


En uitgerekend Israël loopt hierin voorop! Israël, het land en volk dat God apart heeft gezet (Deuteronomium 14:2) en waaraan wij ons hart hebben verpand.


Een verscheurd land


Was de Joodse natie lange tijd verdeeld in een bonte mengeling van religieuze Joden versus een gemêleerd gezelschap van seculiere Joden, tegenwoordig is het land ook nog eens verdeeld in gevaccineerden en niet-gevaccineerden. Deze tweedeling verscheurt niet alleen de Joodse natie, maar brengt daarnaast ook scheiding in huwelijken, in gezinnen, in families en in vriendenkringen. Vormden deze sociale verbanden, in al hun veelkleurigheid, voorheen de ziel van de Joodse natie, nu zijn ze het symbool van een gebroken hart in een verscheurd land.


De diepe verdeeldheid in Israël is volledig te wijten aan de regering. Zij prijst het inderhaast ontwikkelde Pfizer-vaccin aan alsof het een geschenk uit de hemel is – terwijl ze heimelijk zwijgt over de risico’s van het experimentele vaccin dat nog in de klinische onderzoeksfase zit –, en geeft alleen aan gevaccineerden – degenen met een zogenaamde ‘groene pas’ – (een deel van) hun rechten en vrijheden terug.


Niet-gevaccineerden zijn tweederangsburgers geworden. Openbare gebouwen, sportscholen, bioscopen, hotels, restaurants, universiteiten en middelbare scholen zijn voor hen niet toegankelijk, althans niet zoals voor gevaccineerden (zie Vaccinaties verplichten?).


Zoals alle andere volken


Is het overigens niet opvallend dat Israël, dat normaal gesproken altijd wordt veroordeeld vanwege haar beleid – welk beleid dan ook –, nu door veel landen en internationale organisaties, zoals de World Health Organization (WHO) en het World Economic Forum (WEF), wordt geprezen om haar vaccinatiebeleid? En als voorbeeld wordt gesteld? Zelfs onze demissionaire minister van Buitenlandse Zaken Kaag – steevast een fervent criticus van de Joodse Staat – prees het Israëlische vaccinatiebeleid.


Hoe kan dat? Wel, omdat de regering bij haar aanpak van de coronacrisis wil laten zien dat Israël is “zoals alle andere volken” (1 Samuel 8:5). En dat niet alleen: in de ogen van de wereld doet Israël het zelfs beter dan welk ander land dan ook. Israëls regering laat met haar autoritaire aanpak van de coronacrisis zien dat Israël helemaal bij de wereld hoort. Gehoorzaam volgt ze de instructies en de richtlijnen op van de wereldbeheersers (Johannes 15:19). En de wereld prijst Israël daarom, met vooraan de WHO en het WEF. En natuurlijk Pfizer, wiens CEO Israël veelzeggend “world's lab” noemde.


Apart gezet


Maar het streven van de regering van Israël om helemaal bij de wereld te horen, en te zijn zoals alle andere volken, is niet wat God wil.


Ezechiël 20:32 (HSV/EV)Wat in uw geest opgekomen is, zal zeker niet gebeuren, namelijk dat u zegt: Laten wij als de heidenvolken en als de families in die landen worden (…)!


God wil niet dat Zijn volk meedoet met de heidenvolken, “zich niet verbindt met andere naties” (Numeri 23:9). De HEER van de hemelse machten heeft het volk van Israël juist van de andere volken afgezonderd, opdat het nooit zou vergeten dat het Zijn volk is, en opdat het geen deel zou hebben aan de zonden van de wereld (Openbaring 18:4-5).


Deuteronomium 7:6Want u bent een volk dat aan de HEER, uw God, is gewijd. U bent door Hem uitgekozen om, anders dan alle andere volken op aarde, Zijn kostbaar bezit te zijn.


Teleurgesteld


Ik moet bekennen dat ik de afgelopen tijd bijzonder teleurgesteld ben in de regering van Netanyahu. Ik heb het er zelfs een tijdje moeilijk mee gehad, omdat ik niet kon begrijpen wat de regering bezielde om zo’n tweedracht te zaaien onder het volk, om de Israëlische bevolking aan een medisch experiment te onderwerpen en om aan de leiband van de overste van deze wereld te lopen. Want wie anders dan Satan, vermomd als een engel des lichts, heeft de regering ertoe aangezet om deze politiek van tweedracht te voeren (1 Kronieken 21:1; Micha 7:3; Handelingen 5:3).


Jesaja 3:12Door tirannen wordt Mijn volk uitgebuit, woekeraars heersen erover. Mijn volk, jullie leiders zijn verleiders, zij brengen jullie op een dwaalspoor.


Het zijn harde woorden die ik bijna niet durf op te schrijven, maar toch kan ik de huidige situatie in het land niet anders duiden.


Onvoorwaardelijk


Toch is en blijft mijn liefde voor Israël onvoorwaardelijk, omdat ik besef dat wij zonder Israël nooit zouden kunnen delen in de goedheid van de Vader, in de genade die Hij in en door Zijn Zoon heeft laten zien, en straks opnieuw zal laten zien.


Maar wat natuurlijk nog veel belangrijker is dan onze liefde, is Gods volmaakte liefde voor Zijn volk.


Jesaja 43:4 – Jij (Israël) bent zo kostbaar in Mijn ogen, zo waardevol, en Ik houd zo veel van je dat Ik de mensheid geef in ruil voor jou, ja alle volken om jou te behouden.


En daarom zie ik het elke dag weer als een opdracht én als een voorrecht om voor het land en volk in de bres te staan, door de Vader te herinneren aan Zijn beloften.


Eensgezind


En het was tijdens het proclameren dat ik onlangs begreep dat ook de huidige diepe verdeeldheid in Israël in Gods majestueuze plan past! Want God belooft Zijn volk niet alleen dat Hij hen naar hun land zal terugbrengen en Hij het land zal herstellen, maar Hij belooft Zijn volk ook dat Hij hen eensgezind zal maken!


Ezechiël 11:19Dan zal Ik hen eensgezind maken en hun een nieuwe geest geven; Ik zal hun versteende hart uit hun lichaam halen en hun er een levend hart voor in de plaats geven.


Als God Zijn volk belooft om hen eensgezind te maken, dan betekent dat, dat ze eerst verdeeld zijn, want anders hoeft God ze niet eensgezind te maken! Met andere woorden: de huidige diepe verdeeldheid onder het Joodse volk is voor God geen verrassing. Al lang geleden had Hij die voorzien. En bij monde van Jeshua had Hij die tweespalt ook voorzegd.


Lucas 12:52-53 – Vanaf heden zullen vijf in één huis verdeeld zijn: drie tegen twee en twee tegen drie. De vader zal tegenover zijn zoon staan en de zoon tegenover zijn vader, de moeder tegenover haar dochter en de dochter tegenover haar moeder, de schoonmoeder tegenover haar schoondochter en de schoondochter tegenover haar schoonmoeder.


Zoals God aan alle volken Zijn heiligheid laat zien door het volk van Israël bijeen te brengen vanuit de landen waarheen het is verstrooid (Ezechiël 28:25), zo zal Hij Zijn volk Zijn heiligheid tonen door hen eensgezind te maken, door één volk van hen te maken.


De onherstelbaar lijkende verdeeldheid onder het volk – hoe pijnlijk en verdrietig ook – zal door de Vader worden aangegrepen tot verheerlijking van Zijn heilige Naam. Hoe groter de verdeeldheid nu, des te groter de eensgezindheid straks!


Meer dan ooit mogen we de Vader daarom óók herinneren aan Zijn belofte het volk van Israël één van hart en één van zin te maken, zodat ze altijd ontzag voor Hem zullen hebben en opdat het hun en hun nageslacht goed zal gaan (Jeremia 32:39).


Ezechiël 37:22-24 (NBV/NB) – Ik zal één volk van hen maken in het land en op de bergen van Israël, en één Koning zal over hen allen regeren. Zij zullen niet nog eens tot twee volkeren worden en nooit meer splijten tot twee koninkrijken. Ze zullen zich niet meer verontreinigen met hun afgoden en hun afschuwelijke misdaden, Ik zal hen van hun zondige ontrouw redden en hen reinigen. Zij zullen Mijn volk zijn en Ik zal hun God zijn. David, Mijn dienaar, zal hun Koning zijn, en samen zullen ze één Herder hebben. Mijn regels zullen ze in acht nemen en volgens Mijn wetten zullen ze leven.


Bas van Twist, maart 2021


3,681 keer bekeken12 reacties