HET TEKEN DAT ZIJN WEDERKOMST AANKONDIGT

Bijgewerkt: jun 5



Op de vierde scheppingsdag schiep God de zon, de maan en de sterren. Hij plaatste ze aan het hemelgewelf ‘om licht te geven op de aarde, om te heersen over de dag en de nacht en om het licht te scheiden van de duisternis[Genesis 1:17-18]. Dankzij de hemellichten wisselen dag en nacht elkaar af en volgen weken, maanden en jaren elkaar op.


Maar God heeft de lichten aan het uitspansel ook gegeven om ‘tot tekenen’ te zijn [Genesis 1:14 sv]. Als we in de Bijbel lezen over tekenen aan de zon, de maan en de sterren, dan is dat veelal in combinatie met de dag van de HEER en de komst van de Mensenzoon [Jesaja 13:10, 24:23, 34:4; Openbaring 6:12-13].


Joël 3:3-4Dan zal Ik tekenen geven aan de hemel en op aarde: bloed en vuur en zuilen van rook, de zon verandert in duisternis en de maan in bloed. Dan komt de dag van de HEER, groot en ontzagwekkend.


In de laatste dagen van deze wereldtijden worden de zon en de maan dus tegelijkertijd verduisterd. Dat betekent dat God zelf ingrijpt in de schijnbaar vaste baan die de aarde om de zon maakt en de elliptische baan die de maan om de aarde maakt. Want de astronomische fenomenen van een zonsverduistering – waarbij de maan tussen de zon en de aarde schuift – en een maansverduistering – waarbij de aarde tussen de zon en de maan komt te staan – zouden anders nooit tegelijk kunnen plaatsvinden.


Zichtbaar aan de hemel


Ook in Mattheüs lezen we dat aan het einde van de tijd de zon verduisterd zal worden, de maan geen licht meer zal geven en de sterren uit de hemel zullen vallen [Mattheüs 24:29]. Maar Mattheüs wijst daarnaast op nóg een teken, waarover we in de Bijbel nergens anders lezen. Als het overal op de wereld aardedonker is geworden [Amos 5:20], zo vertelt Mattheüs, zal ‘aan de hemel het teken zichtbaar worden dat de komst van de Mensenzoon aankondigt[Mattheüs 24:30].


Het is vooral naar dát teken dat Zijn wederkomst en de voltooiing van de wereldtijden aankondigt, waar de discipelen Jeshua naar vragen als ze met Hem op de Olijfberg zitten [Mattheüs 24:3]. Maar Jeshua geeft hen slechts één aanwijzing aangaande dat teken, en dat is dat het teken zichtbaar zal zijn aan de hemel. Maar wát het teken precies is en hoe het er uitziet, vertelt Hij niet.


Het Griekse woord σημεῖον (se-mì-on), dat vertaald wordt met ‘teken’, heeft – net als het Hebreeuwse woord אוֹת (oth) uit Genesis 1:14 – hier de betekenis van een voorteken, maar ook die van een ongewone gebeurtenis die de normale loop van de natuur overstijgt. Wat voor teken aan het uitspansel kan dat zijn?


Messías


Als in de Bijbel gesproken wordt over de Messías die zal (weder)komen, wordt dikwijls gerefereerd aan een licht, een ster en zelfs de zon. Zo ziet Biliam ‘een ster uit Jacob voortkomen[Numeri 24:17 hsv], voorzegt Jesaja dat Israëls verlosser ‘een licht voor de heidenvolken’ zal zijn [Jesaja 42:6 hsv] en voorziet Maleachi ‘de zon der gerechtigheid opgaan[Maleachi 3:20]. En als de wijzen uit het Oosten vragen naar de pasgeboren Koning der Joden, baseren ze dat op hun astronomische waarneming: ze ‘hebben namelijk Zijn ster zien opgaan[Mattheüs 2:2]. Zelf noemt Jeshua zich, verwijzend naar de profetie van Jesaja over Hem, ‘het licht voor de wereld[Johannes 8:12]. En daarnaast maakt Hij zich bekend als ‘de stralende Morgenster[Openbaring 22:16]. Met andere woorden: Hij is het komende licht dat de duisternis verdringt.


Mattheüs


Het is vast niet voor niets dat Mattheüs de enige van de vier evangelisten is die zowel melding maakt van de ster die Jeshua’s eerste komst naar de wereld aankondigt als van het teken aan de hemel dat Zijn tweede komst aankondigt. Toch is er wel een verschil tussen beide hemelse tijdingen. Want bij Jeshua’s eerste komst werd de ster slechts door een handjevol astronomen waargenomen, maar bij Zijn tweede komst zal elk mens het teken aan de hemel kunnen zien, zo mogen we afleiden uit het verslag van Mattheüs. Zodoende heb ik me lange tijd het teken van Zijn wederkomst voorgesteld als een opvallend heldere ster aan het nachtelijk firmament met de flonkerende contouren van een Davidster, het symbool van de komende Messías en het verwachte herstel van het Huis van David. Hoewel ik het nog steeds een fascinerend beeld vind, denk ik niet dat de Bijbel voor dit fenomeen een aanwijzing geeft.


Waarschuwing


In Mattheüs 24:30 lezen we dat, wanneer aan de hemel het teken is verschenen, alle stammen op aarde zich van ontzetting op de borst zullen slaan ‘als ze de Mensenzoon zien komen op de wolken van de hemel, bekleed met macht en grote luister.’ Er is dus niet alleen berouw bij het Joodse volk ‘over Degene die ze hebben doorstoken[Zacharia 12:10-14], maar ook grote schrik en zelfverwijt onder de heidenvolken.


Openbaring 1:7Hij komt te midden van de wolken, en dan zal iedereen Hem zien, ook degenen die Hem doorstoken hebben. Alle volken op aarde zullen over Hem weeklagen. Ja, amen.


Zou het teken aan het uitspansel daarom ook niet tevens een allerlaatste waarschuwing zijn van God aan de mensen? Hij wil immers dat alle mensen tot inkeer komen en worden gered [1 Timotheüs 2:4; 2 Petrus 3:9]. Hoewel er ongetwijfeld velen zullen zijn die eigenwijs het indrukwekkende teken aan de hemel zullen veronachtzamen en er allerlei valse verklaringen voor zullen zoeken, zullen er ook zijn die met diep ontzag alsnog de Vader zullen aanroepen en berouw zullen tonen, zoals de misdadiger aan het kruis [Lucas 23:39-43].


Aanwijzing


Het teken aan het firmament zal in elk geval ook de aandacht van de wereld doen richten op Israël en het Joodse volk. En dat is ook de bedoeling, want het is tevens de inleiding op de hemelse apotheose: de miraculeuze redding van Gods volk! In dezelfde tijd dat het teken aan de hemel zichtbaar is, dreigt namelijk een enorme internationale troepenmacht het Joodse land als een wolk te overdekken, in een allerlaatste poging Jeruzalem in te nemen, het van zijn Joodse bevolking te ontdoen en de heilige stad onklaar te maken voor de wederkomst. We kunnen daarover onder andere lezen in Ezechiël 38-39, Zacharia 12:2-9 en 14:3-15.


Maar dan, op de dag dat het land van Israël wordt aangevallen, op de dag waarvan God bij monde van Zijn profeten vele malen heeft gesproken, zal Gods woede oplaaien. Dan zal elk schepsel zien hoe God afrekent met Zijn tegenstander en al diens bondgenoten en hoe Hij opstaat tot redding van Zijn volk.


Voorafschaduwing


Eerder dreigde het volk al eens in het door God beloofde land onder de voet te worden gelopen, namelijk toen Israël, onder leiding van Jozua, genoodzaakt was op te trekken tegen een overmacht van vijf Amoritische legers. Maar ook toen gaf de HEER Zijn volk de overwinning door Zijn sterke hand en opgeheven arm, met tekenen en wonderen. Die redding mag als een voorafschaduwing gezien worden van de wonderbaarlijke overwinning die Hij voor Zijn volk behaalt op de laatste dag van de wereldtijden. Want ook toen zaaide de HEER paniek onder de vijandelijke legers [Jozua 10:10; Zacharia 12:4, 14:13] en wierp Hij vanuit de hemel grote hagelstenen op Israëls tegenstanders, zoals Hij dat straks weer zal doen [Jozua 10:11; Ezechiël 38:22].


Maar er was nog iets. Toen de HEER op die dag voor Israël streed, was er ook een uitzonderlijk verschijnsel zichtbaar aan de hemel, dat daarna nooit meer is voorgekomen.


Jozua 10:12-13 Want op die dag, de dag dat de HEER de Amorieten aan Israël overleverde, had Jozua gebeden tot de HEER. In aanwezigheid van Israël sprak hij: ‘Zon, sta stil boven Gibeon, maan, blijf staan boven de vlakte van Ajjalon.’ En de zon stond stil en de maan bleef staan, tot Israël zijn vijanden had afgestraft.


Wie weet, worden in de laatste dagen voor de dag van de HEER de zon en de maan niet alleen verduisterd, maar worden de zon en de maan ook nog eens tot stilstand gebracht. Misschien is het tot staan brengen van de zon en de maan wel hét teken dat de wederkomst en de voltooiing van de wereldtijden aankondigt.


Hoe dan ook, het ontzagwekkende natuurverschijnsel aan het hemelgewelf zal de mensen op aarde onmachtig maken van angst voor wat er met de wereld gaat gebeuren [Lucas 21:26; Sefanja 1:17]. Verdoofd en met de hand op de mond zullen ze naar de hemel staren, wachtend op wat er gaat komen [Micha 7:15-17].


Stralen als de sterren


Maar dan, wanneer Jeshua met de wolken des hemels en bekleed met macht en grote luister, is gekomen, zal het Koninkrijk van God aanbreken. Dan zullen er opnieuw tekenen aan de zon en de maan te zien zijn. Niet meer van schaamte, maar van overwinning. De zon en de maan zullen dan niet meer in duisternis gehuld zijn, niet langer een naderend oordeel aankondigen, maar ze zullen helderder stralen dan ze ooit hebben gedaan als teken dat ‘het licht voor de wereld’ de overwinning heeft behaald [Psalm 148:3; Johannes 1:5; 8:12].


Jesaja 30:26Dan is het licht van de maan als het licht van de zon, en het zonlicht wordt verzevenvoudigd, als het licht van zeven dagen tegelijk.


En nadat de HEER, door Zijn geliefde Zoon, het volk van Jacob op spectaculaire wijze heeft gered uit de benauwenis en Zijn uitverkorenen uit de vier windstreken bijeen heeft gebracht [Jesaja 27:13; Mattheüs 24:31], zal Hij de wond van Zijn volk verbinden en de striemen die het zijn toegebracht genezen [Jesaja 30:26]. Dan zal het licht van Jeruzalems gerechtigheid opgaan en de fakkel van haar redding ontbranden [Jesaja 62:1]. Heel het volk van Israël zal dan, samen met de verlichten uit de heidenvolken, stralen als het fonkelende hemelgewelf, als de sterren, voor eeuwig en altijd [Daniël 12:3].


Mattheüs 13:43 – Dan zullen de rechtvaardigen in het Koninkrijk van hun Vader stralen als de zon. Laat wie oren heeft goed luisteren!


Bas van Twist, juni 2021

1,634 keer bekeken2 reacties